TÜRKÇE

Hizmetçi Zırvası

NEDERLANDS

De huishouding


"Nereye gidiyorsun?"
"Walpe'ye."
"Ben de Walpe'ye, sen de Walpe'ye. Birlikte gidelim öyleyse!"
"Kocan var mı senin? Adı ne?"
"Cham."
"Benim kocam da Cham, seninki de Cham; ben de Walpe'ye gidiyorum, sen de. Birlikte gidelim öyleyse!" - "Çocuğun var mı senin? Adı ne?"
"Grind."
"Benimki de Grind, seninki de Grind. Kocamın adı Cham, seninkinin adı da Cham. Ben Walpe'ye, sen de Walpe'ye. Birlikte gidelim öyleyse!"
"Bir beşiğin var mı? Adı ne?"
"Hippodeige."
"Benimki de Hippodeige. Seninki de öyle. Çocuğumun adı Grind, seninkinin de Grind. Kocamın adı Cham, seninki de Cham. Birlikte gidelim öyleyse!"
"Bir uşağın var mı? Adı ne onun?"
"Doğrudürüst."
"Benimki de Doğrudürüst. Beşiğimin adı Hippodeige, seninki de aynen öyle. Çocuğumun adı Grind, seninkinin de Grind; kocanın adı Cham, benimkinin de Cham. Ben Walpe'ye, sen de Walpe'ye. Birlikte gidelim öyleyse!"
"Waar moest je heen?" - "Naar Walpe." - "Ik naar Walpe, jij naar Walpe, saampjes, saampjes gaan we dan."

"Heb je ook een man? Hoe heet die man?" - "Cham." - "Mijn man Cham, jouw man Cham; ik naar Walpe, jij naar Walpe, saampjes, saampjes gaan we dan."

"Heb je ook een kind? Hoe heet dat kind?" - "Bint." - "Mijn kind Bint, jouw kind Bint; mijn man Cham, jouw man Cham; ik naar Walpe, jij naar Walpe; saampjes, saampjes gaan we dan."

"Heb je ook een wieg? Hoe heet je wieg?" - "Hippeldieg." - "Mijn wieg Hippeldieg, jouw wieg Hippeldieg; mijn kind Bint, jouw kind Bint; mijn man Cham, jouw man Cham; ik naar Walpe, jij naar Walpe; saampjes, saampjes gaan we dan!"

"Heb je ook een knecht? Hoe heet je knecht?" - "Doehetrecht." - "Mijn knecht Doehetrecht, jouw knecht Doehetrecht, mijn wieg Hippeldieg, jouw wieg Hippeldieg; mijn kind Bint, jouw kind Bint; mijn man Cham, jouw man Cham; ik naar Walpe, jij naar Walpe; saampjes, saampjes gaan we dan!"




Iki dil karşılaştır:













Donations are welcomed & appreciated.


Thank you for your support.